Magisch Marrakech
Viola van de Sandt
Tegen de achtergrond van de besneeuwde toppen van de Hoge Atlas ligt Marrakech, de stad van verhalenvertellers, oude paleizen en weelderige tuinen. De bijna duizend jaar oude stad kende als kruispunt van handelsroutes en – in verschillende periodes – hoofdstad van Marokko tijden van bloei en verval, maar heeft in het begin van de eenentwintigste eeuw nog niets aan aantrekkingskracht ingeboet. Marrakech heeft voor veel Europeanen een bijna magische klank en is mede daardoor ongekend populair als toeristische bestemming.
Marrakech heeft talloze charmes, en misschien wel de avontuurlijkste is de medina, het oude ommuurde stadscentrum waar je naar hartelust kunt verdwalen in de kleine straatjes, steegjes, gangetjes, tunneltjes en binnenplaatsjes. Allemaal even kleurrijk, druk, exotisch en mysterieus. Ook de vele fraaie gebouwen, de
prachtig aangelegde tuinen en natuurlijk de vele riads spreken tot de verbeelding. Marrakech ontstond rond het jaar 1000 toen de nomadische Almoravieden zich permanent in de streek gingen vestigen. De eerste moskee van Marrakech werd gebouwd door Youseuf ibn Tashfin, een van de leden uit de familie van de destijds regerende Almoraviden. Vanaf dat moment groeide Marrakech langzaam uit tot een stad van formaat.
De Almohaden regeerden vanaf de twaalfde eeuw met strakke hand en brachten de stad tot nog grotere religieuze en economische bloei. Er werden meer paleizen en moskeeën gebouwd en Marrakech kon met recht een zeer rijke koningsstad genoemd worden. De lange rode aarden wal, die vandaag de dag nog steeds overeind staat, stamt uit deze periode. In de zestiende eeuw ging Marrakech een grote rol spelen in het Saädische rijk onder Ahmed el Arj. Molulay Ismail, sultan van de Alaouïten, wist de stad van de Saädiërs te veroveren.
De Alouïten bestuurde de stad lange tijd, tot Frankrijk aan de macht kwam en het stokje overnam. Marrakech stond de eerste helft van de twintigste eeuw onder Frans bewind. In 1956 werd Marokko onafhankelijk en werd Mohammed V koning. Vanaf toen raakte de stad zijn functie als hoodstad van Marokko kwijt (dat werd Rabat) waarna Marrakech provinciehoofdstad werd. De naam Marrakech als aanduiding van de stad is nog niet zo lang in zwang. De plaats werd altijd het Koninkrijk van Marrakech, of in het Arabisch Al Mamlakah al Maghribiyah, genoemd. ‘Marrakech’ is waarschijnlijk afgeleid van het Berberse ‘musnakush’, dat ‘Land van God’ betekent.
Bab Agnaou
De Bab Agnaou is een van de negentien poorten in de oude stadsmuren van Marrakech. Hij werd gebouwd in de twaalfde eeuw, ten tijde van de Almohadendynastie. Agnaou is het berberwoord voor ‘zwarte mensen’. De Bab Agnaou is versierd met inscripties uit de koran en werd in de achttiende eeuw volledig gerenoveerd onder sultan Mohammed ben
Abdallah. De poort komt uit op de koninklijke kasba in de medina, de locatie van het El Badi-paleis en de Tombes van de Saädiërs.
Lees het hele artikel over de magische stad Marrakech in Ontdek Arabia 03.1, De hoogtepunten. Bestel Ontdek Arabia 03.1.


