Home » Tijdschrift

Petra Mysterie van de Nabateërs

Viola van de Sandt

‘A beam of stronger light breaks in at the close of the dark perspective and opens to view, half seen at first through the tall narrow opening, columns, statues, and cornices, of a light and finished taste, as if fresh from the chisel, without the tints or weather stains of age, and executed in a stone of a pale rose color, which was warmed at the moment we came in sight with the full light of the morning sun.’

Alhoewel deze zin in een reisverslag van 1818 staat, had hij net zo goed gisteren geschreven kunnen zijn. Een bezoek aan Petra, de wereldberoemde stad in het zuidwesten van Jordanië, is nog immer een uiterst bijzondere ervaring en weet de hedendaagse bezoeker keer op keer te imponeren.
Want wie voelt de spanning niet wanneer na elke bocht in The Siq, een nauwe bergkloof van soms maar enkele meters breed en tientallen meters hoog, weer een nieuwe bocht verschijnt? Wie laat het onberoerd wanneer, na ruim een kilometer in de schemering te hebben gelopen, de vorige bocht ineens de laatste bocht blijkt te zijn en enkele meters verderop het einde van de passage lonkt? Dan werpt een zonnestraal licht op roze-rode zuilen, beelden en kroonlijsten en heeft de bezoeker voor het eerst zicht op de prachtige Schatkamer van Petra.

De enorme aantrekkingskracht van dit uitzicht maakt dat hij al snel de smalle kloof achter zich laat en verschijnt in een uitgestrekte binnenplaats. Uit een van de omringende rotswanden komt de façade van een gebouw van veertig meter hoog naar voren, uit de grond veschijnen twee brede traptreden. De beelden van de goden en mythologische karakters uit de tijd van de Nabateeërs – het volk dat deze stad meer dan tweeduizend jaar geleden bouwde – zijn door erosie al enorm vervaagd, maar de kleinere versieringen – de
bloemen, de bladeren en het fruit – zien eruit alsof ze gisteren uit de zalmroze zandsteen gebeiteld zijn.
Hoe mooi en gedetailleerd El-Khazneh van buiten is, zo eenvoudig is het van binnen. Wie door de donkere ingang stapt komt terecht in een simpele vierkante kamer. Wetenschappers zijn het niet eens over de vroegere functie van de van deze kamer, behalve dan dat de Schatkamer in ieder geval geen schatkamer was. Het gebouw dankt zijn naam aan de Bedoeïenen, het volk dat na de val van Petra in dit gebied leeft en de Schatkamer zijn naam gaf. Zij geloofden dat een rijke farao een schat verborgen had in de urn in het bovenste gedeelte van de façade en probeerden de locatie van de stad daarom ook geheim te houden voor alle westerse bezoekers.
Tevergeefs. De Zwitser Johann Burckhardt, verkleed als Arabier, herondekte de stad in 1812 en was de eerste van de vele bezoekers die sindsdien naar Petra komen. Wat de functie van het gebouw ook was, een tombe of een offerplaats, de Nabateeërs wilden
ongetwijfeld iedereen die hun stad binnenkwam overdonderen met de ongekende pracht en praal van dit buitengewone monument.

Alhoewel de Schatkamer het bekendste bouwwerk in Petra is en zodoende door Jordanië als haar belangrijkste visitekaartje wordt gebruikt, is er in de stad nog veel meer moois te zien. Het eerste monument dat deel uitmaakt van het eigenlijke centrum van de stad is het Theater, dat eveneens geheel uit de rotsen is gehakt. Dit bouwwerk is er heel wat slechter aan toe dan de Schatkamer, die nog amper aan erosie onderhevig is geweest. Daarbij heeft het theater door vroege overstromingen heel wat waterschade opgelopen. Het theater is hoogstwaarschijnlijk rond het begin van onze jaartelling gebouwd en biedt plaats aan ongeveer vijfduizend toeschouwers, alhoewel dit niet helemaal zeker is.

Lees het volledige artikel over Petre, het mysterie van de Nabateeërs in Ontdek Arabia 03.1, De hoogtepunten. Bestel Ontdek Arabia 03.1.

terug

Klik voor grotere kaart